Opgave 21
Maak met de cijfers 3,4,5,6,7,8 en 9 een getal X van 4 cijfers en een getal Y van 3 cijfers zodat het product X.Y zo groot mogelijk is.
Maak met de cijfers 3,4,5,6,7,8 en 9 een getal X van 4 cijfers en een getal Y van 3 cijfers zodat het product X.Y zo groot mogelijk is.
Neem een willekeurige convexe zeshoek. Met telkens drie opeenvolgende hoekpunten van deze zeshoek vormt men zes driehoeken. Construeer het zwaartepunt van deze driehoeken. De alzo verkregen punten zijn de hoekpunten van een nieuwe zeshoek. Toon aan dat de paren overstaande zijden van deze zeshoek evenwijdig en even lang zijn. We geven de hoekpunten van de … Lees verder
De wedstrijd Tournament of Towns (TT) onderscheidt zich van vele andere vergelijkbare competities door haar filosofie die veel meer berust op vindingrijkheid dan puur op kennis of vaardigheden. Ten eerste zijn problemen moeilijk (vooral in A-niveau in de Senior-divisie waar ze vergelijkbaar zijn met die op de International Mathematical Olympiad, maar veel ingenieuzer en minder technisch). Ten … Lees verder
Het is voor iedereen duidelijk dat een kwadraat van een reeël getal nooit negatief kan zijn. Het uitwerken van geeft ons twee eenvoudige ongelijkheden, waarmee we snel aan het werk kunnen ( veronderstel alle getallen positief): . . Twee voorbeelden: Bewijs dat . Uit formule 1 vinden we , maar ook dat en , dus is … Lees verder
Het Nederlands woord wiskunde stamt uit de 17 de eeuw en komt van Simon Stevin (1548-1620) die het woord wisconst gebruikte. Het ‘wis’ in het woord betekent zeker weten ( kijk naar de uitdrukking: wis en waarachtig ). Wiskunde is dus de kunde of vaardigheid van het zeker weten en dit doen we door elke uitspraak … Lees verder